Een slecht begin

Het is de tweede dag van het nieuwe jaar en ik heb avonddienst. Gisternacht werd nog uitgebreid gevierd dat 2019 plaats maakte voor 2020. Een hoop gezelligheid, oliebollen en vuurwerk, zorgde voor een goede start van het nieuwe jaar. Voor Mik begint dit jaar niet goed en hij heeft zich op de spoedeisende hulp (SEH) gemeld. Ik ga voor Mik zorgen en ga hem ophalen op de SEH. Mik heeft overdag vuurwerk op straat gevonden, heeft deze opnieuw aangestoken maar dat ging mis. Het vuurwerk knalde in zijn hand, met grote gevolgen. Onderweg naar de SEH ben ik benieuwd wat ik ga aantreffen. Ik ben geen groot fan van bloederige wonden en vind het daardoor best een beetje spannend. Als ik, samen met een collega, op de SEH, ben aangekomen, horen we iemand hard gillen. Hoe dichterbij we komen, hoe harder het gegil klinkt.

Mik is volledig in paniek. Hij heeft heel veel pijn, weet niet hoe hij moet liggen en is enorm geschrokken. Volledig overstuur ligt hij in bed. Ik vind het verschrikkelijk om Mik zo te zien liggen en heb enorm met hem te doen. Omdat het voor niemand fijn is, om zo naar de afdeling te gaan, probeer ik hem eerst rustig te krijgen. “Hoi Mik, ik ben Sanne. Ik ben de verpleegkundige van de afdeling en ik ga voor jou zorgen”. Mik stopt heel even met gillen en kijkt mij, met betraande en bange ogen, aan. “Hij is vooral heel erg bang”, zegt zijn vader die met hem mee is gekomen naar de SEH. “Zullen we tijdens het lopen, samen praten?”, stel ik voor. Afleiding werkt vaak goed. Mik knikt. Terwijl hij op het bed gaat zitten, ondersteunt hij zijn aangedane hand. Om de hand zit een verband, waardoor er niets van de schade te zien is. Gelukkig.

En terwijl wij even later onderweg zijn naar het ziekenhuis, kletsen wij met Mik en zijn vader. We hebben het over van alles. Van school, tot zijn hobby’s. Van zijn broers en zussen tot zijn vrienden op school. Maar we vermijden alle onderwerpen die ook maar een beetje gelinkt zijn aan vuurwerk of de pijn. De hele rit gaat het goed. Mik is rustig en praat met ons. Maar zodra we op de afdeling arriveren, is de paniek terug.

Gillend ligt Mik in het bed. Het gegil en het verdriet gaat door merg en been. Omdat wij moeten wachten tot Mik geopereerd kan worden, besluit ik bij Mik te blijven. Zo kan ik hem zo goed mogelijk ondersteunen en rustig houden, zodat hij straks hopelijk rustig naar OK kan. Het lijkt te helpen. Samen focus ik op zijn ademhaling, geef ik hem afleiding en ben ik er voor Mik.

Later die avond wordt Mik geopereerd. De plastische chirurg probeert zijn hand zoveel als mogelijk te redden, maar twee vingertopjes en een vinger zijn te beschadigd. En daar zal Mik de rest van zijn leven, mee moeten leren leven. Een heel slecht begin van het nieuwe jaar. En de littekens op zijn hand, zullen voor altijd een herinnering zijn aan het begin van dit jaar.